Posted by on jan. 28, 2013 | 0 comments

Reukervaringen

Bij het zoeken naar een logisch vervolg op de succesvolle Roundtable van vorig jaar over het thema “Trust or Control” werden we geattendeerd op een Youtube film van wijlen Prof. Sumantra Ghosha met de titel “The Smell of the Place”. We hadden daarmee meteen het thema te pakken voor de Roundtable 2012.

Wie kent dat gevoel niet! Als je een bedrijf of een winkel of een restaurant inloopt of bij iemand thuis binnenkomt voel je het meestal direct. Hier hangt een goede sfeer. De medewerkers, de klanten, de gastheer en de gastvrouw ervaren plezier en je bent welkom.

In de ChangeVision uitnodiging zijn we hier niet verder op ingegaan omdat iedereen die dit gevoel herkent, daar zijn of haar eigen beelden bij heeft. Dat geldt ook voor mij en het lijkt me een uitdaging om mijn persoonlijke ervaringen de revue te laten passeren. “The Smell of the Place” is vanzelfsprekend figuurlijk bedoeld, maar toch waag ik mij eraan om ook wat ervaringen in de letterlijke zin te duiden. Of ik vervolgens kan concluderen dat er verband bestaat tussen de letterlijke en figuurlijke indrukken weet ik niet. Ik heb zeker niet de pretentie om hier een serieuze studie van te maken.

Mijn reuk herinneringen

Als ik nadenk over reuk in de letterlijke betekenis en de herinneringen die dat oproept, dan stijgen er heel wat dampen op. Merkwaardig eigenlijk dat we een geheugen hebben voor reuk. Daar zal vast wel veel onderzoek naar zijn gedaan, maar ik heb het me tot nu toe nauwelijks gerealiseerd. Uiteraard wel bij onze hond, want die reageert bij de lucht van koffie, omdat zij alleen bij die gelegenheden een hondenkoekje krijgt. Maar hoe dat bij mensen gaat had ik mij nooit afgevraagd.

In mijn prille jeugd moet ik vast wel die babylucht en kenmerkende lucht van vieze babyluiers hebben waargenomen. Ik weet echter niet of ik me dat echt kan herinneren of dat het me pas bekend voorkwam toen we zelf kinderen kregen. Wat ik me in ieder geval wel uit eerste hand herinner zijn de vier verschillende “luchten” die over ons dorp trokken. Dat dorp was Zuilen en in de vijftiger jaren hadden we daar met grote regelmaat de stank van hetzij de “benenkluif” waar beenderen van slachtvee werden verwerkt, hetzij de stank van de sterk vervuilde rivier de Vecht die vlak langs ons huis stroomde, of de stank van Twijnstra veevoeder, dan wel de onwelriekende en zeker ook giftige dampen van de kininefabriek in Maarssen. En als vijfde was er nog de wat verder gelegen Utrechtse gasfabriek. Gelukkig produceerden ze niet altijd stank en was de wind niet altijd ongunstig, maar feit is wel dat ik die reuk nog altijd uit duizenden herken. En overigens heb ik een prachtige jeugd gehad in dat mooie dorp, dus figuurlijk zat het wel goed met “The Smell of the Place”.

Er zijn nog vele andere herinneringen aan reuk, maar dan wordt dit verhaal misschien wat al te plastisch en bovendien niet meer de moeite waard. Iedereen kan verder zijn of haar eigen invulling er wel aan geven. En dan komen jullie misschien voor een deel op dezelfde, maar ook op hele andere reukvoorbeelden. Ik vermoed dat leeftijd hier ook meespeelt. Bij mij zijn het ook nog de kolenhaard die we thuis hadden, de koeienmest van de stallen die ik op woensdagmiddagen hielp schoonmaken, de staalfabrieken DEMKA en Werkspoor in onze directe omgeving, de zeeschepen uit de blauwe maandag dat ik op de grote vaart zat, en zo kan ik nog wel verder doorgaan. Een jongere generatie zal een deel van deze voorbeelden niet zo bekend voorkomen. Zij zullen waarschijnlijk andere voorbeelden noemen.

Naast generatieverschillen, zijn er vast ook veel verschillen die met sociale achtergrond en woonomgeving te maken hebben. Mensen die in de tropen wonen of daar zijn opgegroeid hebben een andere herinnering aan reuk dan ik en dat geldt ook bijvoorbeeld voor mensen die andere eet- en leefgewoonten hebben. Ooit heb ik een durian in de tropen gegeten. Die vrucht wordt de koningin onder de tropische vruchten genoemd. Nou, veel tropische vruchten vind ik heerlijk, maar de durian stinkt in mijn beleving en de smaak viel me ook tegen.

Kortom, herinneringen aan reuk zijn er in overvloed, maar ze zijn persoonlijk en subjectief.

En “The Smell” in de overdrachtelijke betekenis… ?

Terug naar de directe aanleiding van het thema “Smell of the Place” in overdrachtelijke zin. Dus het gevoel dat je al vrij snel krijgt als je ergens komt. Ook hiervoor ga ik in mijn geheugen langs de vele goede en minder goede ervaringen die ik heb meegemaakt. Dan komt allereerst het beeld of zo je wilt de reuk op van de gezinnen waar ik veel kwam. Dat waren de gezinnen van vrienden en vriendinnen bij ons in de buurt. Nu nog steeds voel ik de warmte die ik toen heb ervaren. Niet moeilijk doen over spelen op zolder of een boterhammetje mee-eten en een hart onder de riem steken als er eens iets tegen zat. Of dat nu ging om een gestrande jeugdliefde of slechte schoolresultaten, ik kon er terecht. Ook heb ik herinneringen aan gezinnen, waar altijd een afstand was en waar je jezelf minder op je gemak voelde. De empathie ontbrak er gewoon.

In mijn loopbaan heb ik veel bedrijven bezocht. Soms als werknemer of gedetacheerde en soms als consultant of als opdrachtgever. Ik heb het geluk gehad zo een heel spectrum van bedrijven en instellingen wat beter te leren kennen en dat gingen van intramurale zorg tot beddenfabrikant en van groothandel in bloembollen tot een drukkerij. Of wat te denken van de textielindustrie toen die nog in hun hoogtijdagen zat en raffinaderijen van dierlijke vetten (over stank gesproken!). De lijst is nog lang niet compleet, maar dat is ook hier niet de bedoeling. Bij al die ontmoetingen kan ik erop terugkijkend zeggen, dat de eerste indrukken nagenoeg altijd bij verdere contacten werden bevestigd. “The Smell of the Place” had ik onbewust dus kennelijk snel opgenomen.

Ook hiervan heb ik weer legio voorbeelden. De ontvangst bij een drukkerij in Twente, waar de directie me meteen trots het (toen nog handmatige) productieproces liet zien en gelegenheid bood om met mensen in contact te komen. Maar ook een andere drukkerij in de regio Haarlem, waar de arrogantie vanaf droop. Voor die tijd trendy producten, maar ook een attitude die afstand creëerde.

Het is in mijn beleving niet zo, dat “het thuis voelen” te maken heeft met de stijl van het bedrijf. Ik herinner mij een familiebedrijf in de textielindustrie met bijna feodale structuren. De directies werden met Meneer Eduard, Meneer Piet of Meneer Kees aangesproken en de tachtigjarige oprichter liep er nog steeds met hoed en wandelstok rond. Toch was het niet onaangenaam om daar te vertoeven omdat je rook dat het authentiek was en dat klanten en medewerkers dat ook zo ervoeren. Anderzijds kwam ik ook bij een trendy uitzendbureau waar iedereen deed alsof ze erbij hoorden. Eén grote familie, een vrijdagmiddagborrel, prima resultaten en dito arbeidsvoorwaarden. Toch voelde ik me daar niet senang. Het kwam bij mij gekunsteld over en niet authentiek.

Van heel dichtbij heb ik meegemaakt dat ik aan een nieuwe baan begon doordat ik persoonlijke gesprekken had met mensen die authentiek overkwamen en dat tot op de dag van vandaag ook daadwerkelijk altijd zijn gebleven. De eerste dagen, weken en maanden voelde ik me echter onwennig en niet thuis. Kennelijk was de eerste indruk een andere dan wat ik in de praktijk meemaakte. Ik kwam van een internationaal bedrijf met veel dynamiek en hectiek en mijn nieuwe omgeving bleek een hechte maar erg conventionele IT omgeving te zijn. Dat moeten we wederzijds gemerkt hebben. Gelukkig heeft die organisatie een grote omwenteling meegemaakt en heb ik “The Smell of the Place” zien veranderen. Of om in de termen te blijven, ik heb het geroken. Voor degenen die mij kennen of LinkedIn erop naslaan is het niet moeilijk om te raden om welk bedrijf het gaat. Een schoolvoorbeeld hoe karakter, instelling en mentaliteit kan veranderen, met behoud of zelfs versterking van de authenticiteit.

Weer en heel ander domein waar je meteen voelt of het goed zit met “The Smell” dat is de horeca. Natuurlijk kom je hier ook weer dichtbij smaak en reuk in de letterlijke betekenis, maar ik beperk me nu tot de overdrachtelijke kant. Het begint al bij binnenkomst. Word je begroet en te woord gestaan? Of sta je eerst een tijdje voor joker rond te kijken? Ben je welkom of heeft de bediening genoeg aan z’n eigen sores? Ook nu maar weer een paar persoonlijke ervaringen.

Beroepsmatig ben ik vele malen in de US geweest. Wie kent niet de obligate ontvangst al je een restaurant binnenkomt: “How are you today?” Je kunt niet zeggen dat die begroeting louter is ingestudeerd. In veel gevallen is dat wel zo en heeft Marketing & Communications daar trainingen voor gegeven, maar in een aantal gevallen is het wel degelijk authentiek. Dat geldt zowel voor de begroeting als voor de bediening en interesse voor jouw wel en wee. Op een reis in Canada kwam ik met een aantal mensen in een gehucht, waar ons de locale hamburgertent warm was aanbevolen. Nou dat klopte helemaal. Niet alleen wat betreft het voedsel,maar ook de ontvangst en bediening. Zo origineel en authentiek als je je maar kunt voorstellen.

En dat doet me dan weer denken aan een vakantie in Engeland, waar ik een klein winkeltje binnenliep omdat ik echte marmelade wilde kopen omdat ik daar gek op ben. De ontvangst door twee oudere dames begon met “Hello Love….”en ze hadden het bij mee helemaal gemaakt.

Tot slot

Toen ik aan dit artikel begon had ik me stellig voorgenomen om niet met conclusies op de proppen te komen. Ik wilde alleen reukindrukken vanuit mijn persoonlijke beleving beschrijven. Teruglezend ontkom ik er niet aan toch wat aanvullende waarnemingen te noemen die verdacht veel op conclusies lijken.

Ten eerste dat reukwaarnemingen toch wel heel persoonlijk zijn en voor individuen en groepen mensen verschillende betekenis hebben. Dat geldt in letterlijke zin maar ook overdrachtelijk. Ieder geeft een verschillende interpretatie aan zijn of haar waarnemingen. Wat ik lekker vind ruiken, of waar ik mij thuis voel kan door derden anders worden ervaren. Het is dus nogal subjectief.

Ten tweede valt mij op dat die subjectiviteit niets te maken hoeft te hebben met authenticiteit. Anders gezegd; als ik mij ergens niet thuis voel komt dat door mijn (subjectieve) criteria. Een ander voelt zich daar misschien juist als in een warm nest. Met de authenticiteit kan het los daarvan helemaal goed zitten.

En ook heeft deze oefening mij doen beseffen, hoe belangrijk het is om jezelf te zijn. Dat is niet statisch want  in de loop van de jaren worden we uiteraard ouder en soms ook wijzer. Onze waarnemingen, ons gedrag en ons besef van waarden veranderen, maar hopelijk zijn we toch ons zelf gebleven. Als je dat authentieke vast weet te houden, dan zal je omgeving dat ruiken, net zo als jij zelf kunt ruiken of het ergens wel goed zit.


Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *